Naar boven ↑

Rechtspraak

Uitspraakdatum

13-07-2026

ECLI

ECLI:NL:TADRARL:2026:157

Zaaknummer

26-396/AL/MN

Inhoudsindicatie

Voorzittersbeslissing. De voorzitter verklaart een klacht over de advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond.

Uitspraak

Beslissing van de voorzitter van de Raad van Discipline in het ressort Arnhem-Leeuwarden van 13 juli 2026 in de zaak 26-396/AL/MN

naar aanleiding van de klacht van:

klager

over

verweerster

 

De plaatsvervangend voorzitter van de raad van discipline (hierna ook: de voorzitter) heeft kennisgenomen van de brief met bijlagen volgens de inventarislijst van de deken van de Orde van Advocaten in het arrondissement Midden-Nederland (hierna: de deken) van 7 mei 2026 met kenmerk 2534070.

 

1    FEITEN

Voor de beoordeling van de klacht gaat de voorzitter, gelet op het klachtdossier, uit van de volgende feiten.

1.1    Verweerster heeft op 30 oktober 2025 namens haar cliënte, de besloten vennootschap E., een sommatiebrief aan

klager gestuurd wegens openstaande facturen.

1.2    Klager is van mening dat er geen betalingsverplichting is en heeft dit onderbouwd door middel van 26 e-mails aan verweerster. Ook heeft hij verweerster gesommeerd om de sommatiebrief in te trekken. 

1.3    Verweerster heeft in een e-mail van 6 november 2025 bij klager aangegeven dat zij zijn e-mails aan haar cliënte heeft doorgestuurd en in afwachting is van een reactie van haar cliënte.

1.4    Op 9 november 2025 heeft klager bij de deken een klacht ingediend over verweerster. 

 

2    KLACHT

2.1    De klacht houdt, zakelijk weergegeven, in dat verweerster tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld als bedoeld in artikel 46 Advocatenwet door:

a)    feiten te stellen waarvan zij de onwaarheid kent of redelijkerwijs kan kennen; 

b)    zijn belangen onnodig of onevenredig te schaden door op onjuiste en intimiderende wijze betaling van een frauduleuze factuur te vorderen; 

c)    zijn privacy te schenden. 

 

3    VERWEER

Verweerster heeft tegen de klacht verweer gevoerd. De voorzitter zal hierna, waar nodig, op het verweer ingaan.

 

4    BEOORDELING

Maatstaf

4.1    Deze zaak betreft een klacht over de advocaat van de wederpartij. Voor alle advocaten geldt dat zij partijdig zijn en in principe alleen de belangen van hun eigen cliënt hoeven te behartigen. Zij hebben veel vrijheid om te doen wat in het belang van hun cliënt nodig is, maar die vrijheid is wel begrensd. Advocaten mogen de belangen van de wederpartij niet onnodig of op een ontoelaatbare manier schaden. Zij mogen zich bijvoorbeeld niet onnodig kwetsend uitlaten over de wederpartij. Ook mogen advocaten niet bewust onjuiste informatie verschaffen. Daarbij geldt dat advocaten er in beginsel van mogen uitgaan dat de informatie die zij van hun cliënt hebben gekregen juist is. Slechts in uitzonderingsgevallen zijn advocaten gehouden de juistheid van die informatie te controleren. Tot slot hoeven advocaten in het algemeen niet af te wegen of het voordeel dat zij voor hun cliënt willen bereiken, opweegt tegen het nadeel dat zij aan de wederpartij toebrengen.

Klachtonderdeel a)

4.2    Klager stelt dat verweerster in haar sommatiebrief feiten heeft geponeerd die onjuist zijn. Volgens klager wist verweerster dat deze onjuist feiten onjuist zijn, omdat hij haar daarop heeft gewezen.

4.3    De voorzitter kan op grond van de stukken in het klachtdossier niet vaststellen dat deze (door klager betwiste) informatie onjuist is. Voor zover deze informatie onjuist is, kan de voorzitter ook niet vaststellen dat verweerster wist of redelijkerwijs had moeten weten van deze onjuistheid. Verweerster mocht afgaan op de juistheid van deze informatie die zij van haar cliënte had gekregen. Van bijzondere omstandigheden op grond waarvan verweerster de juistheid van die informatie had moeten controleren, is de voorzitter niet gebleken. Het behoort verder niet tot de taak van de tuchtrechter om over de juistheid van standpunten in dit geschil een oordeel te geven. Dat is - in het geval dit geschil tot een procedure leidt - voorbehouden aan de civiele rechter, tenzij duidelijk is dat de verwerende advocaat de hierboven genoemde maatstaf heeft overtreden. Daarvan is echter geen sprake. Dit klachtonderdeel wordt daarom kennelijk ongegrond verklaard. 

Klachtonderdeel b)

4.4    Dit klachtonderdeel ziet op dezelfde sommatiebrief. Klager stelt dat verweerster op een onjuiste en intimiderende wijze betaling heeft gevorderd. De voorzitter volgt klager niet in dit standpunt. De voorzitter is van oordeel dat deze sommatiebrief in toon en inhoud zakelijk en correct is. Van het op een onjuiste of intimiderende wijze vorderen van een betaling is geen sprake. Het klachtdossier bevat ook overigens geen aanwijzingen dat verweerster de belangen van klager onnodig of op een ontoelaatbare manier heeft geschaad. Dit klachtonderdeel wordt dan ook kennelijk ongegrond verklaard. 

Klachtonderdeel c)

4.5    Klager stelt ten slotte dat verweerster zijn privacy heeft geschonden omdat de cliënte van verweerster – de wederpartij van klager – het dossier heeft gedeeld met verweerster en verweerster blijft communiceren met haar cliënte, ondanks dat klager verweerster heeft gesommeerd om geen communicatie meer met haar cliënte te hebben. 

4.6    De voorzitter volgt klager niet in dit verwijt. Het staat verweerster – vanzelfsprekend – vrij om met haar cliënte te communiceren en stukken met elkaar te delen, ook als in die stukken gegevens van klager staan. Een wederpartij (klager) kan deze vrijheid niet beperken en het is dan ook begrijpelijk dat verweerster niet op deze sommatie van klager is ingegaan. Ook uit de inhoud van de sommatiebrief van verweerster blijkt niet dat verweerster op een tuchtrechtelijk verwijtbare wijze met de gegevens van klager is omgegaan. Dat betekent dat ook dit klachtonderdeel kennelijk ongegrond wordt verklaard. 

BESLISSING

De voorzitter verklaart:  de klacht, met toepassing van artikel 46j Advocatenwet, kennelijk ongegrond.

Aldus beslist door mr. O.P. van Tricht, plaatsvervangend voorzitter, bijgestaan door  mr. W.B. Kok als griffier en uitgesproken in het openbaar op 13 juli 2026.

Griffier         Voorzitter  

Verzonden op : 13 juli 2026