Naar boven ↑

Rechtspraak

Uitspraakdatum

04-09-2020

ECLI

ECLI:NL:TAHVD:2020:178

Zaaknummer

190092H

Inhoudsindicatie

Verzoek om herziening. Verzoeker is in de tuchtprocedure de klagende partij en geen advocaat aan wie een maatregel is opgelegd. Verzoeker kan dan ook geen beroep doen op de in het herzieningsprotocol opgenomen uitzonderingen. Het verzoek is kennelijk niet-ontvankelijk verklaard.

Uitspraak

BESLISSING                                 

Van 4 september 2020

in de zaak 190092H

naar aanleiding van het verzoek tot herziening van:

mr. S. Toekoen

wonende te Rotterdam

verzoeker

 

1    DE BESLISSING WAARVAN HERZIENING WORDT VERZOCHT

1.1    Het hof van discipline (hierna: het hof) verwijst naar zijn beslissing van 28 oktober 2019, gewezen onder nummer 190092. Daarin is de beslissing van de Raad van Discipline in het ressort Amsterdam (hierna: de raad), gewezen onder nummer 18-805/A/A, waarin de klacht in alle onderdelen ongegrond is verklaard, bekrachtigd ten aanzien van de klachtonderdelen h tot en met p en r tot en met t.

De beslissing van het hof is gepubliceerd op tuchtrecht.nl onder nummer ECLI:NL:TAHVD:2019:171.

 

2.    HET VERZOEK TOT HERZIENING

2.1    Per e-mailbericht van 30 juni 2020 heeft verzoeker het hof verzocht om herziening van de beslissing van het hof van 28 oktober 2019. De griffie van het hof heeft het herzieningsverzoek eveneens per post ontvangen op 2 juli 2020.

2.2    Bij e-mailbericht van 31 juli 2020 heeft de griffie van het hof verzoeker bericht dat het hof eerst zal beoordelen of zijn herzieningsverzoek in behandeling kan worden genomen en dat het hof deze voorvraag op basis van de schriftelijke stukken in raadkamer zal beoordelen en (vooralsnog) afziet van een mondelinge behandeling.

2.3    Bij e-mailbericht van 13 augustus 2020 heeft de griffie van het hof verzoeker over de samenstelling van de kamer en de uitspraakdatum geïnformeerd .

2.4    Het hof heeft de zaak in raadkamer behandeld.

 

3    BEOORDELING

    De mogelijkheid tot herziening

3.1    Het hof stelt voorop dat tegen een beslissing van het hof in de Advocatenwet geen gewoon rechtsmiddel is opengesteld. De Advocatenwet voorziet evenmin in de mogelijkheid tot herziening van een uitspraak van de tuchtrechter. Bij hoge uitzondering kan hierover anders worden geoordeeld. In dit verband is door het hof een herzieningsprotocol vastgesteld (verder: het herzieningsprotocol) dat is gepubliceerd op de website van het hof. Dit herzieningsprotocol is op dit herzieningsverzoek van toepassing.

3.2    In het herzieningsprotocol van het hof is onder 1.1 bepaald dat een verzoek tot herziening in beginsel niet-ontvankelijk is. Onder 1.2 zijn de uitzonderingen op deze regel geformuleerd en onder 1.3 is bepaald dat enkel advocaten, aan wie een maatregel is opgelegd in de betreffende beslissing, een beroep op die uitzonderingen uit 1.2 kunnen doen.

De beoordeling

3.3    Verzoeker is in de tuchtprocedure de klagende partij en geen advocaat aan wie een maatregel is opgelegd. Verzoeker kan dan ook geen beroep doen op de in het herzieningsprotocol opgenomen uitzonderingen. Op grond van het voorgaande zal het herzieningsverzoek van verzoeker kennelijk niet-ontvankelijk worden verklaard.

 

    BESLISSING

Het Hof van Discipline:

        - verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn herzieningsverzoek.

Aldus gewezen door mr. A.M.J.G. van Amsterdam, voorzitter, mrs. E.L. Pasma en E.W. de Groot, leden, in tegenwoordigheid van mr. A.M. van der Hoorn, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 4 september 2020.

griffier    voorzitter   

    

De beslissing is verzonden op 4 september 2020.