Naar boven ↑

Rechtspraak

Uitspraakdatum

02-04-2012

ECLI

ECLI:NL:TADRSHE:2012:YA2630

Zaaknummer

H161-2011

Inhoudsindicatie

Nu gebleken is dat de gemeente X de brief van 27 januari 2011 van verweerder niet heeft ontvangen, kan de beslissing van de voorzitter niet in stand blijven. Ook al zou juist zijn dat de brief van 27 januari 2011 niet door verweerder verzonden is, heeft klager hiervan geen enkel nadeel ondervonden, nu gebleken is dat de gemeente X wel aan de slag is gegaan met het verzoek van klager.

Inhoudsindicatie

Verzet gegrond; klacht wegens onvoldoende gewicht afgewezen.

Uitspraak

 

Beslissing van 2 april 2012

in de zaak H 161-2011

naar aanleiding van het verzet tegen de beslissing van de voorzitter van de raad van discipline van 6 september 2011 op de klacht van:

 

             A

                                                klager

 

tegen

 

 B

        verweerder

 

 

1               Verloop van de procedure

1.1         Bij brief aan de raad van 19 augustus 2011   met kenmerk K , door de raad ontvangen op 22 augustus 2011 , heeft de deken van de Orde van Advocaten in het arrondissement H de klacht ter kennis van de raad gebracht.

1.2         Bij beslissing van 6 september 2011 heeft de voorzitter van de raad de klacht kennelijk ongegrond verklaard, welke beslissing o p 6 september 2011 is verzonden aan klager.

1.3         Bij brief van 8 september 2011, door de raad ontvangen op 9 september 2011 , heeft klager verzet ingesteld tegen de beslissing van de voorzitter.

1.4         Het verzet is behandeld ter zitting van de raad van 13 februari 2012 in aanwezigheid van klager en verweerder . Van de behandeling is proces-verbaal opgemaakt.

1.5         De raad heeft kennisgenomen van:

-            de beslissing van de voorzitter waarvan verzet en van

de stukken waarop de beslissing blijkens de tekst daarvan is gegeven;

-      het verzetschrift van klager d.d. 8 september 2011;

-      brieven van klager van 4 oktober 2011, 30 oktober 2011, 21 november 2011, 23 december 2011, met bijlagen, en 9 januari 2012;

-      brief van 6 januari 2012 van verweerder;

-      brief van de gemeente E van 8 februari 2011.

 

2               FEITEN

Voor de beoordeling van de klacht en het verzet wordt, gelet op de stukken en hetgeen ter zitting is verklaard, uitgegaan van de in de beslissing van de voorzitter weergegeven feiten, met de aanvulling dat verweerder klager niet heeft bijgestaan in een geschil met de gemeente E doch slechts had toegezegd een brief aan de gemeente E te zullen sturen.

 

3               KLACHT EN VERZET

3.1         De klacht houdt, zakelijk weergegeven, in dat verweerder tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld als bedoeld in artikel 46 Advocatenwet doordat verweerder niet, als toegezegd, een brief aan de gemeente E heeft verzonden, althans niet heeft gerappelleerd toen beantwoording uitbleef.

3.2         De gronden van het verzet houden, zakelijk weergegeven, in dat  overweging 5.1 van de beslissing van de voorzitter niet in stand kan blijven nu uit de brief van 8 februari 2012 van de gemeente E is gebleken dat een brief van 27 januari 2011 van verweerder niet is ontvangen door de gemeente. Verweerder heeft pas op 7 juli 2011 een afschrift van voormelde brief aan klager verzonden.

 

4               BEOORDELING

4.1         Uit de aan de raad gezonden brief van de gemeente E van 8 februari 2012 blijkt dat de gemeente geen brief van 27 januari 2011 van verweerder heeft ontvangen, zodat de beslissing van de voorzitter niet in stand kan blijven. De raad zal het verzet tegen de beslissing van de voorzitter dan ook gegrond verklaren.  

4.2         Uit hetgeen ter zitting naar voren is gebracht is gebleken dat er tussen klager en de gemeente E wel contact heeft plaatsgevonden over het onderwerp dat verweerder in zijn brief aan de orde heeft gesteld c.q. zou stellen. Dit heeft tot een negatieve beslissing van de gemeente geleid.

4.3         De raad overweegt dat, of verweerder de brief van 27 januari 2011 nu wel of niet heeft verzonden, de gemeente aan de slag is gegaan met het verzoek van klager. F is ingeschakeld maar de bevindingen hebben, zoals klager ter zitting stelde, niet tot voldoening aan het verzoek van klager geleid. De gemeente E heeft een negatieve beslissing genomen en klager bericht dat hij eventuele kosten van medische voorzieningen uit de aan hem toegekende schadevergoeding diende te betalen. Gesteld noch gebleken is dat de gemeente anders zou hebben beslist als zij de brief van verweerder van 27 januari 2011 in haar besluitvorming zou hebben betrokken.

4.4         Nu klager aldus van het niet verzenden van de brief van 27 januari 2011 door verweerder aan de gemeente - als al juist is dat die inderdaad niet is verzonden - geen enkel nadeel heeft ondervonden, zal de raad de klacht wegens onvoldoende gewicht afwijzen.

 

5        BESLISSING

De raad van discipline:

verklaart het verzet gegrond;

wijst de klacht als van onvoldoende gewicht af.

 

           

Aldus gegeven door mr. E.P. van Unen, voorzitter, en mrs. E.P.C.M. Teeuwen, P.A.M. van Hoef, A.L.W.G. Houtakkers en J.D.E. van den Heuvel, leden, bijgestaan door mr. I.J.M. Huysmans – van Opstal als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 2 april 2012.

 

griffier                                                    voorzitter                

 

Deze beslissing is in afschrift op3 april 2012

 

per aangetekende brief verzonden aan:

-       klager

-       verweerder

- de deken van de Orde van Advocaten in het arrondissement ’s-Hertogenbosch

-       de deken van de Nederlandse Orde van Advocaten.

 

Van deze beslissing kan hoger beroep bij het Hof van Discipline worden ingesteld door:

-                      klager

-                      verweerder

-                      de deken van de Orde van Advocaten in het arrondissement ’s-Hertogenbosch

-                      de deken van de Nederlandse Orde van Advocaten

 

Het hoger beroep moet binnen een termijn van 30 dagen na verzending van de beslissing worden ingesteld door middel van indiening van een beroepschrift, waarin de gronden van het beroep zijn vermeld en van een motivering zijn voorzien. Het beroepschrift moet in zevenvoud worden ingediend tezamen met zes afschriften van de beslissing waarvan beroep.

De eerste dag van de termijn van 30 dagen is de dag volgend op de dag van de verzending van de beslissing. Uiterlijk op de dertigste dag van die termijn moet het beroepschrift dus in het bezit zijn van de griffie van het Hof van Discipline. Verlenging van de termijn van 30 dagen is niet mogelijk.

Het beroepschrift kan op de volgende wijzen worden ingediend bij het Hof van Discipline:           

a.         Per post

Het postadres van de griffie van het Hof van Discipline is:

Postbus 132, 4840 AC Prinsenbeek

b.         Bezorging

De griffie is gevestigd aan het adres Markt 44, 4841 AC Prinsenbeek.

Teneinde er zeker van te zijn dat voor de ontvangst getekend kan worden of dat pakketten die niet in een reguliere brievenbus besteld kunnen worden, afgegeven kunnen worden dient u telefonisch contact op te nemen met de griffie van het hof.

c.         Per fax

Het faxnummer van het Hof van Discipline is 076 - 548 4608. Tegelijkertijd met de indiening per fax dient het beroepschrift tezamen met de beslissing waarvan beroep in het vereiste aantal per post te worden toegezonden aan de griffie van het hof.

Nadere informatie over hoger beroep en over (de griffie van) het hof

076 - 548 4607 of griffie@griffiehvd.nl

Praktische informatie vindt u op www.hofvandiscipline.n l