Rechtspraak
Beklag artikel 13 lid 3 Advocatenwet ongegrond. Met de deken is het hof van oordeel dat klaagster haar verzoek om aanwijzing van een advocaat onvoldoende heeft onderbouwd en toegelicht – ook nadat zij daarover expliciet is bevraagd door de deken.
De onderbouwing van het aanwijzingsverzoek is de verantwoordelijkheid van de aanvrager, in dit geval klaagster. Dat klaagster dit heeft nagelaten te doen, ligt in haar risicosfeer. Dit nalaten heeft ertoe geleid dat de deken gegronde redenen had om geen advocaat aan te wijzen aan klaagster (HvD 8 december 2025, ECLI:NL:TAHVD:2025:255).
