Rechtspraak
In deze zaak wordt geklaagd over een advocaat die uitlatingen over klager heeft gedaan op LinkedIn. Het hof is evenals de raad van discipline in het ressort ’s-Hertogenbosch (hierna: de raad) van oordeel dat niet gebleken is dat in het gewraakte LinkedIn-bericht feiten zijn gesteld waarvan verweerder wist of behoorde te weten dat deze onjuist zijn. Verweerder heeft geen misbruik gemaakt van zijn geheimhoudingsplicht door niet de naam te noemen van de cliënt van klager die verweerder had benaderd en die verweerder aanhaalt in het betreffende LinkedIn-bericht. De raad heeft de klacht ongegrond verklaard. Het hof bekrachtigt deze beslissing.
