Rechtspraak
Dekenbezwaar.
Ontvankelijkheid: Verweerder heeft aangevoerd dat de deken geen belang heeft bij beoordeling van het dekenbezwaar nu het alsnog verkrijgen van een stageverklaring, vereist om als advocaat hernieuwd op het tableau te kunnen worden ingeschreven, een feitelijke onmogelijkheid is geworden. Verweerder heeft daarnaast aangevoerd dat er evenmin een algemeen belang bestaat bij het verkrijgen van een inhoudelijk oordeel van de raad, omdat het onderwerp van het dekenbezwaar (integriteit en strafbare feiten) geen verfijning, verheldering of toelichting van de bestaande tuchtrechtspraak behoeft. De raad is van oordeel dat de deken wel ontvankelijk is. Dat de kans op een hernieuwde inschrijving van verweerder op het tableau thans reeds nihil is, maakt naar het oordeel van de raad niet dat de deken bij het vragen van een tuchtrechtelijke reactie geen belang (meer) heeft. Gezien de ernst van de door de rechtbank bewezen verklaarde strafbare feiten is het algemeen belang bij het geven van een tuchtrechtelijke reactie en het daarmee samenhangende signaal aan de beroepsgroep en het publiek naar het oordeel van de raad gegeven, ook indien die tuchtrechtelijke reactie geen verfijning, verheldering of toelichting van bestaande tuchtrechtspraak oplevert.
Inhoudelijk: Verweerder heeft zich schuldig gemaakt aan de handel in cocaïne, het witwassen van grote geldbedragen en aan ondergronds bankieren, waarbij hij financiële regelgeving heeft overtreden, die bedoeld is om de integriteit van het betalingsverkeer in de maatschappij te waarborgen. Deze strafbare feiten zijn in het licht van de beroepsuitoefening absoluut ongeoorloofd en ondermijnen het vertrouwen in de advocatuur.Verweerder voldoet niet aan de in de Voda gestelde eisen om het beroep van advocaat uit te mogen oefenen, doordat hij niet beschikt over een verklaring van voltooide stage en doordat hij geen kantoor houdt. Verweerder heeft de belangen van zijn cliënten geschaad, althans heeft het risico genomen deze belangen te schaden, doordat hij heeft geweigerd zijn medewerking te verlenen aan een behoorlijke waarneming van zijn praktijk tijdens zijn detentie. De gegrond bevonden tuchtrechtelijk verwijten leveren een schending op van de kernwaarden van de advocatuur. Gegrond. Schrapping.
