Naar boven ↑

Rechtspraak

Beschimpen rechter

Bij deze stand van zaken ziet het hof geen enkele rechtvaardiging voor verweerder om zijn ongenoegen over de beslissing van de drie rechters te uiten in de beschimping van die rechters met gebruikmaking van uitdrukkingen als malicieus handelend, onbekwaam, schaamteloos, verdorven, gewetenloos, onpeilbaar leugenachtig en moreel, juridisch en intellectueel corrupt (…) en met dreiging om, waar dat voor verweerder maar mogelijk zal zijn, deze eigenschappen van de drie rechters onder de aandacht van derden te brengen. Het hof stelt vast dat er voor verweerder geen noodzaak valt aan te nemen om zich op een dergelijke wijze uit te laten, dat die uitlatingen onnodig grievend zijn en een advocaat onwaardig, en dat verweerder door die uitlatingen heeft blijkgegeven van een laakbaar en voor een advocaat zeer ongepast gebrek aan eerbied voor de rechterlijke autoriteiten.